donderdag 28 mei 2015

Bruggenbouwers

Eindelijk zijn we weer eens met de trein geweest. In feite is het al sinds we ooit met deze wereldreis-in-etappes begonnen de bedoeling om alles zoveel mogelijk met de trein te doen. I dit deel van de wereld is dat lastig, want er zijn nauwelijks spoorlijnen. Eigenlijk valt dat hier in Myanmar nog best mee. Onderweg met de bus kruisten we meerdere malen spoorrails, maar ze waren meestal overwoekerd door weelderig groeiende vegetatie en soms ontbraken al de nodige stukken.

Myanmar, dat vroeger Birma heette is overigens op een trieste manier beroemd om een spoorlijn: de beruchte ' Birma Spoorlijn', die in de 2e wereldoorlog door de Japanners werd aangelegd om sneller en beter hun eigen troepen te kunnen bevoorraden tegen de oprukkende geallieerden. De lijn verbond  Bangkok met de kust van Birma en betekende de tragische dood van duizenden dwangarbeiders. Vooral Britse en Australische krijgsgevangenen, maar ook veel Knil militairen uit Indonesie werden hier tewerkgesteld. Keihard werken onder erbarmelijke omstandigheden zorgde, dat de meeste gevangenen tijdens de aanleg en het onderhoud van de spoorlijn om het leven kwamen. Een bekende Nederlandse overlevende van deze hel is cabaretier Win Kan. De lijn werd ook beroemd door de film "The bridge over the river Kwai".

Nu een heel wat vrolijker verhaal. Er loopt een spoorlijn van Lashio naar Mandalay in het oosten van Myanmar, bij de grens met China. Deze spoorlijn wordt nog gebruikt en is nog steeds belangrijk voor de lokale bevolking in dit gebied waar maar weining wegen zijn en veel mensen te arm voor eigen vervoer. Daarnaast is het een toeristische attractie en dat ligt niet aan het comfort of de snelheid. Het is een smalspoortrein, waarvoor geldt, dat de wagons veel breder zijn dan de wielbasis eronder. Bovendien zijn de wagons hoogbejaard en de vering is zo slap, dat je de hele reis zwaar heel en weer, "Van voor naar achter, van links naar rechts"  geschud wordt. Kijk, een liedje! Voor rijke toeristen is er een "Upper Class", met zachte stoelen tegen het onophoudelijke schudden en gebonk. Maar alle ramen staan open en de reis wordt begeleid door een snerpend piepen en schuren van de wielen langs de rails, die vaak krom staan of niet meer op elkaar aansluiten. Hier en daar zijn ook de biels niet meer wat ze ooit waren.... Kortom: dit is avontuur. En het is muziek. De trein rijdt zo'n 40 km per uur op z'n hardst, maar meestal veel langzamer en het ritme van de "kedengedeng"  (alle eer aan Guus Meeuwis voor dit mooie woord) , het gepiep en regelmatig het ratelen van bamboestengels langs de open ramen heeft wel iets meditatiefs, alhoewel rustgevend nou niet het goede woord is...

Het meest spectaculaire van de tocht is echter een stalen spoorbrug over een enorm steil en diep ravijn, in de buurt van het stadje Pyin Oo Lwin, de "Goitek Brug". Tussen 1897 en 1901 werd de lijn hier aangelegd en in 1901 werd deze brug voltooid. Het was toen de langste en vooral ook de hoogste stalen brug ooit gebouwd. Ruim 600 meter lang en op het hoogste (diepste) punt meer dan honderd meter boven het kolkende riviertje, dat deze enorme canyon heeft uitgesleten.
Komend vanaf Lashio zie je de brug tussen de bomen en de rotsen door al een paar keer liggen: enorme stalen staketsels, diep uit het dichtbeboste dal oprijzend en bijna wit glimmend in de tropenzon. Van afstand oogt het als een bouwsel van luciferpinnetjes. Iets dichterbij wordt het meccano, maar het blijft dun en iel. De trein vermindert nog meer snelheid en rijdt uiteindelijk stapvoets. Na een paar korte tunneltjes kom je op de brug zelf. Die is boven even smal als de trein, zodat je jezelf onwillekeurig stevig gaat vastklampen als je jezelf iets verder uit het raam buigt om een voorzichtige blik naar beneden te werpen. Geen tochtje voor iemand, die veel last van hoogtevrees heeft, dus... Maar het uitzicht maakt alles goed.
Toch slikt iedereen hier wel even of doet een snel schietgebedje. Ook de ervaren reiziger of bergbeklimmer, want de brug werd bij oplevering gegearandeerd voor  een levensduur van 70 jaar. Intussen is dat 114 jaar en velen stellen vraagtekens bij de staat van onderhoud in dit prachtige maar helaas nog altijd zo feodale land, waar de meeste mensen niks hebben en enkelen alles. Maar daarover een volgende keer meer, want, zoals je ziet: we hebben het overleefd!!!





Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen